Rabobank Cijfers & Trends

Een visie op branches in het Nederlandse bedrijfsleven.
40e jaargang editie 2016/2017


Kottervisserij

  • VOLUME
  • SENTIMENT
  • PROGNOSE

VOLUME

-1 tot 1% stabiel

SENTIMENT

Gematigd positief

PROGNOSE

Gematigd positief

Perspectief

De quota op vrijwel alle vissoorten zijn (fors) verruimd ten opzichte van 2016, met uitzondering van zeebaars. Dit geeft extra vangstmogelijkheden. Het is de verwachting dat het aanvoervolume daardoor met enkele procenten zal groeien. Dit wordt gestimuleerd door een daling van de kostprijs als gevolg van nieuwe vistechnieken en een dalende brandstofprijs. De vis wordt grotendeels geëxporteerd naar Zuid-Europa. De daling van de Euro kan de export naar buiten de EU stimuleren. De import van concurrerende vis uit Azië, zoals pangasius en tilapia wordt duurder als gevolg van de dalende Euro. Ook de afzet van garnalen loopt vlot en de herstructurering in de keten lijkt gunstig te zijn voor de afzetmogelijkheden. Door de mogelijke sluiting van visserijgronden als gevolg van Brexit en de regelgeving omtrent de discardban wordt het sentiment wat gedrukt. Over het algemeen zorgt dit voor een gematigd positief sentiment.

Toekomst gematigd positief
De prognose is dat de komende 3 tot 5 jaar er ruimte is voor verdere verhoging van quota. De visbestanden in de Noordzee staan er goed voor en hebben vrijwel allemaal een biologisch verantwoorde omvang. Door innovaties in visserijtechnieken en kotters (MDV) wordt er gewerkt aan verdere verlaging van de kostprijs. Met de discardban die vanaf 1 januari 2016 geleidelijk is ingevoerd, heeft de sector een forse uitdaging om het rendement te behouden. De sector is volop bezig met wetenschappelijk onderzoek naar overleving en selectiviteit om zodoende de financiële gevolgen te beperken. In de afzet wordt al jaren aandacht gevraagd voor het beter samenwerken en vermarkten van het product. Hier liggen zeker kansen. De Rabobank verwacht door de verbeterde rendementen in het afgelopen jaar, meer investeringen in de kottervloot.    


Trends

  • De Nederlandse kottervloot is verouderd. Slechts  5%van het aantal kotters was in 2016 jonger dan 10 jaar. Vanaf 2005 is er weinig geïnvesteerd in vernieuwing van de vloot. Echter de nieuwbouw in de kottervisserij komt op gang. In juli 2015 is de 'groene kotter' MDV 1 in gebruik genomen. De ervaring die met deze kotter wordt opgedaan en de resultaten die ermee behaald worden, kunnen door visserijondernemers worden gebruikt om zelf tot innovatie en/of investering in een nieuw schip te komen. Er zijn plannen voor een MDV 2. Gezien de opgaande lijn in nettoresultaten in de kottervisserij, wordt verwacht dat in 2017 en 2018 meerdere nieuwe kotters in de vaart zullen komen. Totale omvang van de vloot is ca 280 kotters (bron: Agrimatie);
  • Door meer aandacht voor gezondheid stijgt vraag naar vis; er is een wereldwijd toenemende behoefte aan vis als bron van eiwit, vooral in de dichtbevolkte regio’s in de wereld. Dit wordt in koopkrachtige regio’s nog eens versterkt door een toenemende vraag naar vis als gezond en licht verteerbare voeding;
  • De ontwikkeling van diverse diersoorten in de zeeën en oceanen van de wereld staat nadrukkelijk in de publieke belangstelling. Centraal staat het biologische evenwicht van de visbestanden, beperking van de bodemberoering, bijvangsten en de vangstmethoden;
  • Steeds meer bedrijven willen hun visserij verduurzamen en kiezen voor een certificering volgens MSC (Marine Stewardship Council);
  • Aandacht voor economische duurzaamheid. Vanwege druk op rendementen wordt er binnen de kottervisserij gewerkt aan alternatieve vangstmethoden, zoals de flyshooters, twinriggers, sumwing en pulskor. Deze vangstechnieken zorgen voor minder brandstofverbruik en bodemberoering. Daarmee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de economische en ecologische duurzaamheid.

Kansen en bedreigingen

  • Wereldwijd groeiende behoefte aan (duurzame) vis als bron van eiwit; Nederland als draaischijf tussen vangst (Noord -) en consumptie in Zuid Europa;
  • Platvisbestanden in de Noordzee groeien;
  • Nieuwe vistechnieken zorgen voor (substantiële) verlaging van de kostprijs;
  • Verstoring biologisch evenwicht in de viswateren: dreigende kortingen op de vangstrechten;
  • Brexit kan impact hebben op toegang visgronden;
  • Visserij is als energie-intensieve sector sterk afhankelijk van olieprijs en dollarkoers;
  • Wereldwijde snelle groei van de aquacultuur met de nadruk op Azië;
  • Verouderde vloot; hoge kostprijs a.g.v. meer brandstofverbruik;
  • Imago van de visserijsector; de platvissector wordt nog steeds onterecht geassocieerd met leeg geviste zeeën.

Kottervisserij is een commerciële tak van de zeevisserij en kustvisserij, waarbij met behulp van sleepnetten vanaf kotters op kabeljauw, wijting, platvis en garnalen gevist wordt.

Visproducten zijn goed voor 1 procent van alle goederen die wereldwijd verhandeld worden en 9 procent van de wereldwijde voedingsexport, goed voor een totaalwaarde van 148 miljard in 2014. 167 miljoen ton is bestemd voor consumptie. De verwachting van de Rabobank is dat de vraag verder zal stijgen tot 180 miljoen ton in 2020. Hiermee komt de verhouding wild gevangen vis versus kweekvis op 50-50%. Stijging zal ingevuld worden door viskweek. De wereldwijde productie van wild gevangen vis is sinds 200 constant op circa 90 miljoen ton. De totale invoer- en exportwaarde van vis en visproducten is in onderstaande tabel weergegeven.

Vis & visproducten201420152016
Invoerwaarde2,4 miljard2,3 miljard1,9 miljard
Exportwaarde2,9 miljard3,0 miljard2,6 miljard


Veruit de meeste vis die wordt gevangen door de Nederlandse visserij gaat naar het buitenland. In totaal wordt 80% van de Nederlanse vis en visproducten binnen de EU afgezet. Belgie, Duitsland, Frankrijk en Italie zijn samen goed voor 58% van de totale exportwaarde. De resterende 20% van de export is voor een belangrijk deel diepgevroren pelagische vis die in Afrika wordt afgezet. Deze verhouding is de afgelopen jaren gelijk gebleven (bron: Agrimatie).

Visconsumptie in Nederland
Gemiddeld consumeerden Nederlanders in 2015 ongeveer 3,5 kilo vis (Vers, diepvries en blik) per jaar. Daarnaast buitenshuis nog bijna 1 kilo, dus bij elkaar ongeveer 4,5 kilo per persoon per jaar. De wereldconsumptie ligt op circa 20 kilo per persoon per jaar, een groot verschil met ons kustland Nederland. Gezien de consumptie en ook het hoge exportpercentage lijkt er te weinig verbinding te zijn tussen de Nederlandse visserij en de Nederlandse consument.

In 2016 eet 23% van de Nederlanders wekelijks vis, opvallend is dat 22% helemaal geen vis eet, met name jongeren. Dit was in 2015 nog 20%. Het imago van vis is onveranderd positief, vis wordt als gezond en lekker ervaren en goed voor de afwisseling. Er zijn verschillende initiatieven gaande om het imago van de sector te verbeteren en de consumptie in Nederland te verhogen bijv. http://www.noordzeevisuitscheveningen.nl/

De Nederlandse markt
De totale Nederlandse visserijbedrijfskolom kent ongeveer 3.000 ondernemingen. Dit is inclusief 450 bedrijven in de verwerkende industrie, groothandel en detailhandel. De kolom biedt in 2014 werkgelegenheid aan circa 11.000 personen. Er zijn 11 visafslagen. In de kottervisserij waren afgelopen jaren gemiddeld rond de 280 kotters actief onder Nederlandse vlag. Daarnaast varen er nog 67 kotters onder buitenlandse vlag (bron: Agrimatie).

Afzetkanalen
In Nederland aangevoerde vis (behalve haring en garnalen) wordt verplicht (veilplicht) via de afslagen in Nederland verhandeld en/of geregistreerd. De handel en verwerking kopen naast de vis van de afslagen ook vis uit het buitenland. Het prijspeil van de Nederlandse vis is daarmee niet alleen afhankelijk van het nationale aanbod, maar ook van het aanbod en prijspeil uit het buitenland.

Aanbod
Binnen Europa is een tekort ontstaan aan binnenlandse grondstoffen (vangstquota) waarmee de zelfvoorzieningsgraad in Europa afneemt. Nederland vervult een draaischijffunctie tussen de visgebieden in Noord Europa, waar de visbestanden nog redelijk op peil zijn en de consumptie in Zuid Europa waar een aanzienlijk deel van de aanvoer naar toe gaat.
Het Nederlandse aanbod van vis wordt sterk bepaald door regelgeving over vangstbeperking en quotering.           

Het Nederlandse aanbod van vis wordt sterk bepaald door regelgeving over vangstbeperking en quotering.           

 2010

2012

2013

 

 2014 2015 2016 
 QuotaQuotaBenutting QuotaBenutting QuotaBenutting QuotaBenuttingQuotaBenutting
Tong 1) 10.14212.46573% 11.06290%9.77589% 9.59993%9.42291%
Schol 1) 26.57532.78995% 37.25790%42.87165% 56.58154%61.18052%
Kabeljauw 2.7712.08992% 1.44090% 1.48481% 1.341101%1.44093%

Bron: Viris             

Prijsniveau garnalen verdubbeld in 2016; ook andere vissoorten omhoog


Zowel voor de platvisvisserij, flyshootvisserij als garnalenvisserij namen in 2016 de visprijzen voor de belangrijkste soorten verder toe. Met name de gemiddelde garnalenprijs steeg fors, van 3,56 euro per kg in 2015 naar 7,29 euro per kg in 2016 (+105%; aanvoergewicht).

 

De aanvoerprijs van de belangrijkste platvissoorten tong en schol namen in 2016 toe tot respectievelijk 11,07 euro (+2% ten opzichte van 2015) en 1,68 euro (+10% ten opzichte van 2015). Ook schar (+22%), bot (+9) en griet (+11%) brachten in 2016 gemiddeld meer op per kg aanvoergewicht. De gemiddelde prijs voor tarbot en tongschar namen af met respectievelijk 2% en 5%.

 

De gemiddelde visprijzen voor de belangrijke flyshootsoorten inktvis en mul namen in 2016 toe met respectievelijk 2% en 66% ten opzichte van het jaar ervoor. Rode poon bracht gemiddeld 21 cent minder op per kg aanvoergewicht (-11%).

De prijs van zeebaars blijft stijgen. In 2016 bracht een kg zeebaars gemiddeld 13,45 euro per kg op, 14% meer dan 2015. Deze toename in prijs kan gekoppeld worden aan de blijvend afnemende aanvoer van deze vis.