Rabobank Cijfers & Trends

Een visie op branches in het Nederlandse bedrijfsleven.
40e jaargang editie 2016/2017


Voedingsmiddelenindustrie

  • VOLUME
  • SENTIMENT
  • PROGNOSE

VOLUME

-1 tot 1% stabiel

SENTIMENT

Gematigd positief

PROGNOSE

Gematigd positief

Perspectief 

Lichte groei in 2017
Voor 2017 is de verwachting dat de totale voedingsmiddelenindustrie een beperkte groei zal laten zien van circa 1%. De marktgroei zal niet evenredig verdeeld zijn over producenten en marktsegmenten. In de range zit export aan de bovenkant. De binnenlandse vraag zal aan de onderkant van deze groeirange uitkomen, met daarbij grote verschillen en diversiteit. In de supply chain (=totale keten) zet integratie, schaalvergroting en consolidatie onverminderd door. Daarnaast zien we, met dank aan de hybride consument, ruimte voor nieuwe, innovatieve producten en merken. Belangrijke thema’s voor 2017 zijn:

  • verduurzaming van de voedselketen;
  • voedselveiligheid en gezondheid;
  • online en data;
  • innovatie en kwaliteit medewerkers;
  • nauwere samenwerking leveranciers en food retailers.

Prognose langere termijn positief
Door globalisering van voedselketens is de verwachting dat op de middellange termijn er een groei wordt gerealiseerd van 2 tot 3% per jaar. Op mondiaal niveau groeit de bevolking en neemt de welvaart toe. De vraag naar voedsel stijgt. De toenemende vraag manifesteert zich vooral in Azië, Zuid-Amerika en Afrika. In de regio Noordwest-Europa is het aannemelijk dat het volume op het huidige niveau afvlakt. De bevolkingsgroei neemt af in deze regio. Voor de lange termijn is de verwachting dat er regionale gesloten ketens ontstaan waarbij de voedingsmiddelenmarkt evolueert naar een ‘local-for-local’-markt met naar schatting een radius van 800km. Enkel producten met veel onderscheidend vermogen en hoge toegevoegde waarde zullen nog voorbij deze grens verkocht kunnen worden.

Naast bovenstaand perspectief voor de gehele voedingsmiddelenindustrie, is het perspectief voor bedrijven actief in vlees, zuivel en brood als volgt. 

Vleesverwerkende industrie
Het perspectief in de vleesverwerkende industrie is zeer gematigd waardoor het sentiment momenteel matig genoemd kan worden. In de sector is sprake van overcapaciteit. In de afgelopen jaren is het rendement over de hele linie gedaald, onder meer door de forse margedruk vanuit de foodretail. De vleesconsumptie daalt in Noordwest-Europa. In de Nederlandse markt bepaalt voorverpakt vlees het grootste deel van de omzet. Dit komt door het grote marktaandeel van supermarkten. In de keten zijn de retailers en foodservicebedrijven dominant en bepalend. Er ontstaan samenwerkingsvormen waarbij de schakels wel onafhankelijk blijven, maar via vaste afzetstructuren met elkaar verbonden zijn. De sector worstelt met hogere track & trace-eisen en volatiele grondstofkosten. Het vertrouwen in de sector is door een aantal schandalen aangetast en het kost een grote inspanning om dit te herstellen. Als reactie hierop zijn supermarkten, foodservicebedrijven en voedingsfabrikanten strenger geworden naar ketenpartners.

De blijvers onderscheiden zich door een specifiek productiepalet, efficiënte verwerking, een concurrerende prijs, zekerheid van leverantie en het ontzorgen van de keten. Ze leveren toegevoegde waarde in het proces, zijn onderscheidend ten opzichte van andere aanbieders en zijn bereid om intensief samen te werken met ketenpartners (integratie).
Grofweg zijn er twee mogelijke strategische opties, te weten: zich ontwikkelen tot ‘commodity’ speler; of zich ontwikkelen tot een ‘niche’ speler. Er zijn kansen in nichemarkten door het ontwikkelen van specifieke concepten. Bijvoorbeeld Livar varkensvlees en beter leven keurmerk.

Industriële bakkerijen
In de totale broodmarkt wordt de komende drie tot vijf jaar geen volumegroei verwacht. Deze nullijn geldt niet voor alle deelmarkten. Een groeicategorie is frozen bakery. In de afgelopen 10 jaar is bake-off gegroeid van 20% van het broodvolume naar ongeveer 35%. De verwachting is dat bake-off de komende vijf jaar groeit met 3% tot 5% per jaar.

In de supply chain zijn supermarkten dominant. Het omzetaandeel brood wat via de supermarkt wordt verkocht stijgt nog steeds. Via de supermarkt vindt grofweg 75% van het brood zijn weg naar de consument. Samen met de consument zijn de supermarkten bepalend voor het sentiment in de keten. De broodmarkt is competitief. De tendens in de markt naar schaalvergroting en operational excellence zet door. Er is beperkt ruimte voor nichespelers. In de keten is voor een industriële bakkerij vaak sprake van een concentratierisico zowel aan de leverancierszijde als aan de afnemerszijde. Door het lage rendement in de keten worden vervangingsinvesteringen vaak uitgesteld. Versproducten zoals brood worden ook steeds vaker online verkocht. Het is een kans voor de industriële bakkerijen om hierop te anticiperen en de keten op dit aspect te ontzorgen. Lees hiervoor deze industry note (mei 2016). De ambachtelijke bakkerijen worden beschreven in de Versspeciaalzaken.

Zuivelindustrie
Door het verdwijnen van de melkquotering (1 april 2015) is de zuivelmarkt uit balans. Aannemelijk is dat de balans zich gaat herstellen als er duidelijkheid komt over productiebeperkende maatregelen zoals het fosfaatdossier en het herstel van de exportmarkten. De verwachting is dat de hoeveelheid geproduceerde melk in Nederland stabiliseert op 6% à 8% boven het niveau van 2014. De zuivelverwerkende industrie heeft hierop geanticipeerd met uitbreiding van verwerkingscapaciteit. Als gevolg van de hervorming van het landbouwbeleid in de EU is de prijsvolatiliteit in de zuivel vanaf 2007 verder toegenomen. De huidige overschotsituatie door het grote aanbod aan de inputzijde van de keten wordt versterkt door tegenvallende prijsontwikkelingen als gevolg van een achterblijvende vraag naar zuivelproducten, onder meer doordat Rusland vanaf augustus 2014 agrarische producten boycot uit de EU.

De vooruitzichten op middellange termijn in de mondiale markt voor de zuivel zijn goed. Bedrijven met een internationale oriëntatie profiteren van deze groei. De verwachting is dat mondiale vraag naar zuivel op lange termijn ongeveer 2% tot 3% op jaarbasis zal stijgen. De stijgende vraag komt met name uit de regio’s Azië, Latijns-Amerika, Midden-Oosten en delen van Noord-Afrika. Nederland heeft een sterke positie in de zuivelindustrie. De supply chain is goed georganiseerd. Er is voldoende innovatie en bedrijven zijn internationaal georiënteerd. De Nederlandse zuivel heeft zowel nationaal als internationaal een sterk imago.
De zuivelconsumptie in Nederland is aan verandering onderhevig. Consumenten kiezen steeds meer voor andere vormen van zuivel, zoals yoghurt(drinks) en toetjes, in plaats van traditionele producten als melk, karnemelk of kaas. Producten met een extra gezondheidskenmerk sluiten meer aan bij de behoeften van de consument. Zowel de verwerkers als de retail spelen hier volop op in.

Een andere trend betreft de verkorting van de zuivelketen. Producenten integreren in de keten tot aan het niveau van de consument. De retail verwacht toegevoegde waarde van hun leveranciers, gegarandeerde afzet en snel inspelen op de behoeften vanuit de markt. Hierdoor nemen zuivelverwerkers de taak over van handelaren in zuivel/kaas of gaan deze handelaren hun sourcing van melk rechtstreeks regelen met melkveehouders en deze verwerken tot de door hun gewenste producten.
De verwachting is dat het aantal bedrijven in de keten afneemt door consolidatie en schaalvergroting. Het is van belang dat bedrijven een duidelijke strategische keuze maken, een heldere waardepropositie creëren.

 

Trends

  • Verduurzaming van de voedselketen:
    • Ketens worden efficiënter. Reststromen worden tot waarde gebracht (terugdringen van verspilling) en verpakkingsmaterialen worden verantwoorder ingezet;
    • Groei van het biologisch marktaandeel;
    • Vleesconsumptie neemt af, de visconsumptie neemt toe;
  • Voedselveiligheid, gezondheid en gemak:
    • Het terugdringen van zout, onverzadigde vetten en suiker. Er ligt een focus op etikettering en traceerbaarheid. Het vertrouwen in de voedselketen rondom voedselveiligheid is laag;
    • Meer groente en fruit en minder vlees;
  • Toepassing van nieuwe technologieën:
    • Schakels in de keten die nauwelijks wat toevoegen worden uit de keten gedrukt. Middels voorwaartse- en achterwaartse integratie wordt dit proces versneld. De traditionele keten evolueert door de opkomst van nieuwe technologie naar het omnichannel aanbieden van producten;
    • Toepassing van nieuwe technologie, oftewel smart industry. De digitalisering van de productiesector neemt wereldwijd steeds grotere vormen aan door toedoen van robotisering, 3D-printing en cloudcomputing. Deze ontwikkelingen raken elk bedrijf in de sector. Lees hier meer over smart industry;
    • Delen in plaats van bezitten: wie wil er nog een machine kopen?
    • Opkomst van online verkopen; het toepassen en verzamelen van data heeft impact op het businessmodel en distributiemodel;
  • Opkomst van regionale gesloten ketens versus globalisering van de voedselketen. De nadruk ligt daarbij scherp op producten met een hoge toegevoegde waarde. Alleen dan zijn de logistieke uitdagingen en risico’s acceptabel. In alle andere gevallen is er een duidelijke tendens naar regionale gesloten ketens. Hierdoor ontstaan interessante nichemarkten.

 

Kansen en bedreigingen 

De ontwikkelingen en trends in markt leiden tot de volgende kansen en bedreigingen: 

  • In opkomende economieën neemt de consumptie toe waar vooral export georiënteerde bedrijven van kunnen profiteren. Dichterbij huis ontstaan interessante regionale nichemarkten waarbij bedrijven onderscheidend zijn in concept, merk, wijze van produceren of plaats van herkomst;
  • Wijziging van consumentengedrag en eetpatroon naar verse, voorverpakte, producten, snacks en convenienceproducten. Gemak staat hierbij centraal, maar wel in de combinatie met een goede kwaliteit van het product en een scherpe pricing;
  • Voedselveiligheid en traceerbaarheid. Door recente voedselschandalen is het vertrouwen van de consument in de foodketen geschaad. Dit leidt enerzijds tot toenemende wet- en regelgeving om te komen tot verantwoorde productieprocessen. Anderzijds eist de consument meer transparantie en kiest sneller voor biologische producten of keurmerken;
  • Koppeling van food met lifestyle en gezondheid. Food = hot en in toenemende mate een onderdeel van iemands levensstijl; je bent wat je eet. De consument vraagt daarom ook steeds vaker naar een uniek en authentiek product waarmee hij zich kan onderscheiden en zijn eigen identiteit verder kan ontwikkelen. Dit vertaalt zich in afnemende klantloyaliteit van mainstream producten. Tegelijkertijd wordt de consument zich steeds bewuster van de impact van voeding op de gezondheid;
  • Gebruik van social media. In het verlengde van de vorige bullet wordt food steeds vaker gebruikt door de consument om zich ook op social media te profileren. Via blogs en vlogs, maar ook via de bekende social-media-kanalen worden producten geprezen of afgekraakt, recepten gedeeld en bedrijven van reviews voorzien. Online platforms nemen zo in toenemende mate een relevante positie in de keten in en proberen de consument te verleiden via hen te kopen, reserveren of bestellen;
  • Consolidatie en schaalvergroting; met name in markten gedomineerd door bulkgoederen en weinig onderscheidend vermogen is schaalvergroting en het daardoor realiseren van nog lagere kostprijs een van de weinige strategische keuzes die nog overblijven. Als tegenreactie is ook de opkomst van kleinschalige, lokale initiatieven zichtbaar gericht op transparantie en duurzaamheid;
  • Focus op prijs; door overcapaciteit in de Noordwest-Europese markt, de dominantie van foodretail en het transparanter worden van de markt blijft er een scherpe focus op prijs. Het is een must dat het businessmodel in alle processen voldoet aan operational excellence;
  • Afhankelijkheid van ontwikkelingen op de grondstoffenmarkt en concentratierisico’s bij leveranciers. Lees bijvoorbeeld onze thema-update over suiker.

 

De voedingsmiddelen industrie is veelomvattend. In dit document worden de grootste drie branches belicht, te weten: de vleesverwerkende industrie; industriële bakkerijen; en zuivelindustrie.

Omzet voedings- en genotmiddelenindustrie stabiel
In de voedings- en genotmiddelenindustrie is de omzet in het afgelopen kwartaal vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van het derde kwartaal in 2015. De omzet in de voedingsmiddelenindustrie steeg in het derde kwartaal met 0,4%. In deze branche daalde de binnenlandse omzet met 3,8%, de buitenlandse verkopen stegen met 4,2%. In de tabaksindustrie daalde de omzet dit kwartaal met 19,1% ten opzichte van een jaar eerder. In de drankenindustrie is de omzet vrijwel gelijk gebleven.   

Prijzen na bijna drie jaar weer gestegen
In de voedings- en genotmiddelenindustrie zijn de afzetprijzen na bijna drie jaar weer gestegen. Een stijging van de prijzen was al sinds het derde kwartaal van 2013 niet meer voorgekomen. In het afgelopen kwartaal zijn de prijzen met 2,3% gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Op de binnenlandse markt stegen de prijzen met 1,8% en op de buitenlandse markt was de stijging met 2,7% nog groter (bron: CBS.nl).

Voor meer achtergrondinformatie in de levensmiddelenindustrie lees hier de monitor levensmiddelenindustrie 2016.

Producentenprijsindex voedingsmiddelen en dranken

 20112012201320142015
voedingsmiddelen100104,4106,1104,8101,0
%-mutatie t.o.v. jaar eerder10,04,41,6-1,2-3,6
dranken100103,6104,3103,1102,6
%-mutatie t.o.v. jaar eerder4,13,60,7-1,1-0,6

Bron: CBS Statline

Er zijn in Nederland 5.275 bedrijven actief in de voedingsmiddelenindustrie. In de totale voedings- en genotmiddelenindustrie in Nederland werken 135.000 werknemers. De voedingsmiddelenindustrie is goed voor 22% van de totale industriële productie van Nederland. Totale productiewaarde bedraagt ongeveer 65 miljard euro.


De Nederlandse voedingsindustrie is als volgt verdeeld:

Sector% omzet van de totale VM industrieAantal bedrijven
Broodverwerkende industrie7%53%
Vleesverwerkend/slachterijen15%11%
Zuivelindustrie14%6%
Oliën en vetten12%1%
Groente-/fruitverwerkers7%3%
Diervoeding12%4%
Dranken7%4%
Cacao, chocolade en suikerwerken6%4%
Tabak4%<1%
Meel en zetmeelproducten3%2%
Vis1%2%
Overig12%9%

Bron: De Bosatlas van het Voedsel, oktober 2014